Een goede preventieve gezondheidszorg is de basis voor een lang en gezond leven voor jouw Siamees, OKH, Balinees, Mandarin of Thai. Vaccinaties, regelmatige parasietenbehandeling en jaarlijkse dierenartscontroles zijn daarin onmisbaar. In dit artikel vind je een helder overzicht van wat wanneer nodig is.
Basisvaccinaties voor katten
In Nederland zijn twee vaccins opgenomen in de basisaanbeveling voor katten:
1. FVRCP (drievaccin)
Dit vaccin beschermt tegen drie ernstige ziekten:
Feline Viral Rhinotracheitis (FVR) — ook bekend als niesziekte (herpes)
Calicivirus (FCV) — een andere oorzaak van niesziekte
Panleukopenie (FPV) — ook wel kattenziekte, een levensbedreigende darmaandoening
Het FVRCP-vaccin is verplicht voor deelname aan tentoonstellingen en voor kittens die naar hun nieuwe thuis gaan via fokkers.
2. Rabiës (hondsdolheid)
Rabiësvaccinatie is in Nederland alleen verplicht voor katten die naar het buitenland reizen (EU-reispaspoort). Voor binnenkatten is het facultatief.
Aanvullende vaccins (op indicatie)
Vaccin Wanneer relevant? FeLV (kattenleukemie) Bij buitenloop of contact met onbekende katten Chlamydia Bij cattery's met veel dieren of herhaalde oog infecties FIV (kattenaids) Momenteel geen vaccin beschikbaar in Nederland
Vaccinatieschema kitten en volwassen kat
Kittens gaan naar hun nieuwe thuis wanneer ze volledig gevaccineerd zijn. Wat dat precies inhoudt is een kwestie van overleg tussen de fokker en zijn dierenarts. Entstoffen zijn pas toegelaten vanaf een bepaalde leeftijd terwijl dierenartsen er vaak van uit gaan dat vanaf zo'n acht à negen weken de bescherming van de moedermelk voorbij is. De enige manier om hier zeker van te zijn is door het kitten te titeren. Dit is een methode waarbij een beetje bloed wordt afgenomen dat dan door middel van vaccicheck wordt bekeken. een beschermingsfactor van 3, 4 of 5 wil zeggen dat het kitten nog voldoende beschermd is en nog niet opnieuw geënt hoeft te worden. Deze test moet je dan zo'n drie à vier weken later weer herhalen om te zien of de beschermingsfactor nog gelijk is aan de vorige test. Is de uitslag nog steeds goed dan na een paart weken weer herhalen. Gaat de uitlag omlaag dan is het tijd om te vaccineren en dan weer een paar weken later te controleren. Als de factor dan hoog genoeg is hoeft de kat pas een jaar later weer opnieuw getest te worden. Is de uitslag goed dan hoeven alleen de niesziekte componenten opnieuw gevaccineerd te worden want die hebben een geldigheid van één jaar. Het vaccin tegen panleukopenie heeft een geldigheidsduur van drie jaar. Op deze manier voorkom je dat een kat te veel gevaccineerd wordt.
Belangrijk: Kittens die vanuit de cattery komen, zijn normaal gesproken al (deels) gevaccineerd, volgens het voorschrift van de vereniging die voorschrijft dat kittens volledig gevaccineerd dienen te zijn bij overgang naar de nieuwe eigenaar.
Controleer het vaccinatieboekje en bespreek met je dierenarts of en welke vervolgentingen eventueel nodig zijn.
Ontwormen
Als moederpoes is ontwormd voordat ze gedekt is lopen de kittens betrekkelijk weinig risico op een wormbesmetting.
Zo lang je geen tekenen ziet van een wormbesmetting zoals diarree of draadachrige structuren in de ontlasting is het niet nodig heel vaak te ontwormen. Een kuurtje voordat ze naar hun nieuwe eigenaar gaan is dan vaak voldoende.
Zeker voor katten die altijd binnen blijven geldt dat je niet vaak hoeft te ontwormen. Als ze buiten komen kan het zinvol zijn om 2x per jaar een kuurtje te doen zo lang je geen tekenen van wormbesmetting ziet.
Gebruik altijd een erkend middel (tabletten of spot-on) dat verstrekt wordt door je dierenarts; vrij verkrijgbare middelen zijn vaak minder effectief.
Vlooien en teken
Ook binnenkatten kunnen vlooien oplopen — via bezoekers, andere dieren of kleding. Vlooien veroorzaken niet alleen jeuk, maar kunnen ook lintworm overbrengen.
Behandel bij een actieve vlooienbesmetting alle dieren én de woonomgeving (spray)
Preventieve spot-on of vlooienband: bespreek de noodzaak met je dierenarts, afhankelijk van de leefsituatie en bij een zwaardere besmetting. Een enkele vlo kun je gemakkelijk zelf vangen en verwijderen
Teken komen minder vaak voor bij binnenkaten, maar zijn bij buitenlopers relevant (drager van ziekte van Lyme)
Jaarlijkse controles
Een jaarlijkse check-up bij de dierenarts is sterk aan te raden, ook voor gezonde katten. De dierenarts:
Weegt de kat en bespreekt het dieet
Onderzoekt tanden en tandvlees
Beluistert het hart op hartruis en andere afwijkingen (HCM-screening; bij vermoeden doorverwijzing voor echo)
Controleert oren en ogen
Bespreekt de parasietenpreventie en het vaccinatieschema
vult bij fokdieren de gezondheidsverklaring in die door een aantal verenigingen gebruikt wordt om aan te tonen dat het dier in goede conditie is zodat er mee gefokt kan worden.
Katten zijn meesters in het verbergen van pijn en ongemak. Een regelmatige controle geeft de dierenarts de kans om veranderingen vroeg op te sporen.
Veelgestelde vragen over preventieve zorg
Heeft mijn binnenkat echt vaccinaties nodig?
Ja. Calicivirus en kattengriepvirus kunnen ook binnenkomen via de lucht, kleding of indirect contact. Panleukopenievirus is bovendien zeer resistent in de omgeving. Basisvaccinaties zijn ook voor binnenkaten zinvol.
Mijn kat heeft een reactie na de vaccinatie — is dat normaal?
Lichte reacties (moeheid, verminderde eetlust) voor 24–48 uur zijn normaal. Raadpleeg bij zwelling op de injectieplaats die langer dan een maand aanhoudt altijd de dierenarts — dit kan wijzen op een vaccinatiegeassocieerd sarcoom (zeldzaam).
Hoe lang zijn vaccinaties geldig?
Het FVRCP-drievaccin heeft na de eerste reeks een beschermingsduur van minimaal 3 jaar voor de panleukopenie. De exacte aanbeveling verschilt per merk; volg altijd het advies van je dierenarts. Niesziektecomponenten dienen jaarlijks herhaald te worden.
Vanaf welke leeftijd mogen kittens voor het eerst worden gevaccineerd?
De eerste enting kan vanaf 8 weken worden gegeven, maar gebeurt vaker met 12 weken. Veel fokkers starten hier mee; controleer het vaccinatieboekje bij aankomst van het kitten.

